Steenkoolwinning
Gedurende de 20e eeuw, tot in de jaren ’70, domineerde steenkoolwinning het landschap en de leefomgeving in Zuid-Limburg. Om steenkool te winnen (1) werkten mijnwerkers honderden meters diep onder de grond (2). De steenkoolmijnen moesten droog blijven om dit veilig te kunnen doen. Daarom werd op grote schaal grondwater uit de ondergrond weggepompt. De korrels van de gesteenten in de ondergrond werden hierdoor dichter tegen elkaar aan gedrukt vanwege het grondwater dat uit de ruimtes tussen de korrels verdween (3).
Het winnen van steenkool en het wegpompen van het grondwater in de steenkoolmijnen om de mijnen droog te houden veroorzaakte dat de bodem in de regio Zuid-Limburg daalde.
Terugkerend grondwater leidt tot (ongelijke) bodemstijging over een groot gebied in Zuid-Limburg [illustraties niet op schaal].
Het sluiten van de steenkoolmijnen
In de jaren ‘60 van de 20e eeuw werd in Groningen een groot gasveld ontdekt, waarvan later bleek dat dit één van de grootste gasvelden van Europa is. Omdat het winnen van aardgas goedkoper en efficiënter was dan het winnen van steenkool, besloot de Nederlandse overheid om de Zuid-Limburgse steenkoolmijnen stapsgewijs te sluiten. In 1974 werd de allerlaatste steenkool gewonnen. Daarmee kwam een einde aan ruim een eeuw grootschalige steenkoolwinning in Zuid-Limburg.
Met het sluiten van de steenkoolmijnen stopte ook het grootschalig wegpompen van diep grondwater. Vanaf dat moment stroomde het diepe grondwater langzaam terug in de gesteentelagen waaruit de steenkool was gewonnen (4). Dit proces van het terugkerend grondwater duurt tot op de dag van vandaag en zal nog tientallen jaren door blijven gaan: het waterpeil stijgt jaarlijks met ongeveer 1 tot 2 meter.
Waarom stijgt de bodem in Zuid-Limburg na de mijnsluiting?
Door het terugkerende grondwater vullen niet alleen de verlaten mijngangen zich opnieuw met water, maar ook de omliggende gesteentelagen in de ondergrond raken weer verzadigd. Hierdoor worden de korrels in het gesteente iets uit elkaar gedrukt, doordat de ruimtes tussen de korrels zich opnieuw met water vullen (5). Dit leidt tot een volumetoename van de ondergrond. Als gevolg daarvan komt de bodem in de voormalige mijnstreek in Zuid-Limburg langzaam omhoog, met enkele millimeters tot wel centimeters per jaar op sommige plekken (6). Voor Nederland is dit bijzonder: terwijl in grote delen van Nederland bodemdaling plaatsvindt, stijgt in Zuid-Limburg de bodem juist.
Wat gebeurt er aan het oppervlakte bij bodemstijging in Zuid-Limburg?
De stijging van het grondwater in Zuid-Limburg verloopt geleidelijk . Dit zorgt voor bodemstijging, maar de mate van bodemstijging verschilt per locatie. Dit heeft te maken met de samenstelling en structuur van de ondergrond, deze is namelijk niet overal hetzelfde. Deze variatie in de ondergrond zorgt ervoor dat de hoeveelheid bodemstijging die plaats vindt van locatie tot locatie verschilt.
In gebieden waar grote verschillen zijn in de snelheid van de bodemstijging kunnen spanningen in de ondergrond ontstaan. Soms kan dit leiden tot gebouwschade, zoals scheuren in muren of funderingen. Ook voor de infrastructuur kan dit nadelig zijn.
Meer weten over de voormalige steenkoolwinning in Zuid-Limburg?
Over de geschiedenis en de gevolgen van de voormalige Zuid-Limburgse steenkoolwinning is veel informatie beschikbaar. Hieronder staan een paar interessante websites vermeld, waar je meer kunt lezen:
In een oogopslag alle oorzaken zien?
We hebben alle oorzaken van bodemdaling en -stijging voor je in kaart gebracht.